De Pulsvisser - Woensdag

Woensdag 16 januari, 11.08, Noordzee ter hoogte van Scheveningen

Ik heb een beetje gênant lang geslapen. Rond één uur ging ik naar bed. Ik lag door de grote hoeveelheid informatie in mijn hoofd, en door het toch nog wel onstuimige weer wakker tot vier uur ‘s nachts, en heb toen in een ruk tot kwart voor acht geslapen. Hoewel niemand me verplicht of vraagt om in dit waanzinnige ritme mee te gaan, voel ik me wederom schuldig dat ik die trekken heb gemist. Ik verbeeld me wat ze tegen elkaar over de lopende band over me zeggen. ‘Typisch, zo’n groene gast uit Amsterdam, met z’n kantoorbaan, geen spoor van eelt op z’n handen, ligt weer lekker te tukken’.

Ter compensatie ga ik gelijk mee naar buiten voor de volgende trek. Zoals alle voorgaande keren wacht ik tot Chris en Henk aan bakboord het net boven de box hebben geleegd, en loop dan schommelend naar de lopende band en neem m’n plaats in. Chris selecteert de ‘maatse’ vissen van de lopende band, Henk stript per minuut vijftig tongen en schollen, ik tien. Maar da’s meer dan niks, probeer ik mezelf gerust te stellen. Het is een redelijke, ‘schone’ box, 86 kilogram tong en 106 kilo schol, weinig ondermaatse vissen of bijvangst als wijting, noch stenen en andere rommel.

Terug beneden gaan we weer aan de koffie, en kijken we het nieuws. Theresa May heeft de verwachte nederlaag ondergaan, er is tegen haar voorgestelde deal met de EU gestemd. Over 72 dagen verlaat Groot Brittannië de Europese Unie. Deze vissers weten nog steeds niet wat de consequenties voor hen zullen zijn, maar optimistisch zijn ze niet. Zelf vissen ze bijna alleen maar op het Nederlands Plat, tussen Stellendam en IJmuiden. Maar een groot gedeelte van de collega’s vissen op Britse gronden. Als dat water als gevolg van de Brexit voor Nederlandse (puls)vissers wordt gesloten, wordt het erg druk op dit gebied. Om nog maar te zwijgen van de windmolenparken en natuurgebieden die daar op papier al zijn ingericht.

Verder vraag ik door over de opties na verbod op puls. Staand want zoals de Deense vissers een deel van het jaar doen? Het is wel eens overwogen, maar is zeer arbeidsintensief, moeilijk met dit schip en kan maar een deel van het jaar. Terug naar vissen met ‘wekkettingen’ op slechte bodem in het Engelse Kanaal? Krijg je niet veel en niet mooie vis van. Het lijkt nog een onbekende bestemming, de wereld na een pulsverbod.

14:07 We hebben een paar teleurstellende trekken achter elkaar, in de laatste zit ‘slechts’ 55 kilo tong. Hans kiest ervoor koers te zetten richting het westen, achter een bevriende visser aan die daar net 75 kilo binnen haalde. Hij gaat vervolgens zijn hut in, Richard neemt over.

19:00 Net bruine boterhammen met kipsaté uit een zakje gegeten. Vis wordt niet gegeten deze week. ‘Dan staan die jongens eerst een half uur te fileren. Vlees of kip is dan toch net even handiger.’ De laatste paar boxen vallen tegen, steeds tussen de 40 en de 60 kilogram tong. Ik zie Hans in z’n hoofd de besomming bij elkaar rekenen. ‘Als je een week lang zulke trekken hebt, heb je veertig keer een domper. Dat gaat op een gegeven moment wel een beetje in je hoofd zitten. M’n vader heeft veertig jaar ervaring, die laat dat wat makkelijker van zich afglijden.’

Een volgende dag voltrekt zich haast ongemerkt. Vis binnen halen, sorteren, strippen, netten weer uit. Lunch met aardappels, stoofpeer en draadjesvlees, even uitbuiken en dan volgende trek. Vis binnen halen, sorteren, strippen, netten weer uit. Iedereen anderhalf uur voor zichzelf, even lezen of slapen. Volgende trek. Vis binnen halen, sorteren, strippen, netten weer uit. Koffie en koek. Ik stel Peter en Hans het hemd van het lijf over vertegenwoordiging van vissers in de media, over de scholbox, over Bloom. Even plat. Volgende trek. Vis binnen halen, sorteren, strippen, netten weer uit. Ieder anderhalf uur tijd voor zichzelf.

Zo wordt de week opgedeeld in blokjes van 30 en 90 minuten. Niemand – behalve ik – slaapt dus langer dan anderhalf uur achter elkaar. Als ze vrijdag aanmeren schakelen ze schijnbaar moeiteloos om van dit ritme naar het ritme van het gezin. En dan zondagnacht weer terug op de boot. Onvoorstelbaar, maar het schijnt te wennen.

Terwijl ik dit in m’n hut zit te schrijven hoor ik Richard in de stuurhut meezingen met André Hazes. ‘Buona sera signorina, kiss me goodnight’. Iedereen vult de wacht een beetje op z’n eigen manier in.

21:11 Vanuit de stuurhut kijk ik mee met Hans hoe hij opnieuw de netten binnen haalt. ‘Dat ziet er wel weer een beetje beter uit. Ik zat een beetje in de put net’, geeft hij toe. ’Dan kan ik wel een beetje peptalk gebruiken, van m’n maten, of m’n vrouw of m’n vader.’ We zitten op windkracht zeven nu, stevige golven slaan over het dek. Ik ga toch naar buiten, helpen, erbij horen. We hebben veel bot in deze trek, maar ook een aardige hoeveelheid tong. Even doorwerken aan de lopende band. De tong voelt ruw als een kattentong aan de bovenkant, krult zich om m’n hand heen als een ferme handdruk. Je kan niet anders dan respect hebben voor een vis die zo vecht voor z’n leven.

IMG_20190115_212845.jpg

23:38 Volgende trek. We hebben iets rustiger weer, slingeren minder heen en weer op het dek. Wederom veel bot, 260 kilo, en 75 kilo tong. ‘Mooi trekkie’ zegt Richard, eenmaal terug in de kombuis. ‘Mooi trekkie’, bevestigt Henk. Ik vier het met Danio romige vanille kwark en neem me voor deze nacht alle keren mee naar buiten te gaan.

Maarten Kuiper