De Pulsvisser - De aanloop

‘Dutch devastate marine life with electric shock fishing’ Een deel van de Nederlandse visserij ligt onder vuur, wegens het gebruik van elektrische puls bij het vissen op tong en schol op de Noordzee. Sinds ik mijn verkenning van de voedselketen ben begonnen als ‘Seizoensarbeider’, staat hoog bovenaan op mijn wensenlijst om een week mee te gaan met zo’n pulsvisser. Deze maand kwam die wens uit.

Beklag over innovaties in de visserij is niets nieuws, zowel van de wal als van collega-vissers. Al in 1320 werden in Barking, een haven vlak bij Londen, sleepnetten met te fijne mazen publiekelijk verbrand. In Nederland reageerde Willem van Oranje in 1583 op een klacht over het gebruik van de boomkor, die ervoor zou zorgen dat ‘den gront gheheel rau in sulcker manieren’ zou geraken’, dat in korte tijd geen enkele vis meer gevangen werd.  De constante lijkt te zijn dat iedere keer wanneer één visser innoveert en meer of efficiënter vangt, hij benadeelde en/ of klagende collega’s achter zich laat.

Het idee om elektriciteit te gebruiken om te vissen kwam het eerst op in de achttiende eeuw, toen arts Job Baster zich afvroeg of je garnalen zou kunnen vangen door ze op te schrikken met elektriciteit. Daarna bleef het even stil, en pas in de jaren ‘80 van de vorige eeuw werd er voor en eerst weer serieus mee geëxperimenteerd. Sinds 1998 is de techniek op Europees niveau verboden onder de ‘Verordening (EG) Nr. 850/98 van de raad van 30 maart 1998 voor de instandhouding van de visbestanden via technische maatregelen voor de bescherming van jonge exemplaren van mariene organismen’, samen met andere technieken zoals ‘explosieven, bedwelmende of giftige stoffen.’. Fast forward naar 2004. De brandstofprijzen stijgen, de roep om bescherming van de zeebodem wordt groter, en daarmee de noodzaak tot innovatie. Het Zeeuwse installatiebedrijf DELMECO ontwikkelt een eerste werkbare versie van de pulskor die door een Urker kotter op zee getest wordt. De resultaten zijn zodanig positief dat Nederlandse politici waaronder staatssecretaris Henk Bleker het voor elkaar krijgen om op Europees niveau een ontheffing te regelen voor verbod op vissen met elektriciteit. Eerst voor vijf vissers, dan voor twintig, en uiteindelijk voor bijna alle kotters die zich aanmelden voor zo’n ontheffing. Eindstand, in december 2015 hebben 84 Nederlandse vissers een ontheffing op het Europese verbod om te vissen met puls, allen met de opdracht om mee te werken aan wetenschappelijk onderzoek.

Kijk deze video, geproduceerd in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken, om enigszins te begrijpen hoe pulsvisserij in zijn werk gaat.

Maar er is tegenstand. Kustvissers in Frankrijk, België, Engeland en Nederland klagen dat er niets te vangen valt als er een pulsvisser aan hen voor is gegaan. Milieu-organisatie Bloom, gebaseerd in Frankrijk, lanceert in 2017 een zeer succesvolle campagne tegen de pulsvisserij. Deze methode is volgens hen een milieukundig, politiek, financieel en sociaal schandaal, omdat het grote schade aan vis en bodem zou toebrengen en de bestaanszekerheid van duizenden andere Europese vissers zou bedreigen.

Als gevolg van deze campagne stemt op 16 januari 2018 een meerderheid van het Europees Parlement vóór een verbod op pulsvisserij. Het is nu afwachten of dit verbod wordt bevestigd door de Europese Commissie en individuele lidstaten.

Dit is wat op de horizon ligt voor de pulsvisser. Maar dat is niet het enige. De plannen voor extra windmolenparken op de Noordzee en de consequenties van Brexit betekenen mogelijk een aanzienlijke verkleining van het visgebied. Dan is er ook nog de ‘aanlandplicht’ die sinds 1 januari 2019 gefaseerd wordt ingevoerd, en vissers oplegt grote hoeveelheden niet verkoopbare ‘ondermaatse’ vis aan boord te houden.

Als er ooit een verhaal in voedselproductie was dat een nadere blik verdiende, dan is dit het wel. Dus ging ik op zoek naar een pulsvisser die een nieuwsgierige schrijver een week aan boord wilde nemen. Die visser vond ik in Hans Tanis.

Hans Tanis (29) is de vijfde generatie van zijn familie die vist. Sinds de negentiende eeuw gaan de mannelijke leden van de familie Tanis vanaf Stellendam de zuidelijke Noordzee op, op zoek naar schol, tong en kabeljauw. Hans is samen met zijn vader, oom en neef eigenaar van de GO 37, een achttien jaar oude, veertig meter lange kotter. GO staat voor Goeree. Het schip is ook bekend onder de naam ‘Eben Haezer’, dat ‘Tot hiertoe heeft de Heer ons geholpen’ betekent.

De Goeree 37 ‘Eben Haezer’

De Goeree 37 ‘Eben Haezer’

Ik kwam in contact met hans via een gedeelde kennis bij de Nederlandse Vissersbond. Ik vroeg haar of ze een pulsvisser kende die met mij over dit onderwerp zou willen spreken, en die me misschien zelfs een week mee wilde nemen. ‘Ik zou het bij Hans proberen, hij is iemand waarmee je hier goed over kunt spreken’, zei ze me over de telefoon.

Eind december 2018 bel ik voor het eerst met Hans. Op vrijdag welteverstaan, want dan is hij net aan wal, en bereikbaar. Als ik dan m’n kans mis kan ik een week wachten. Ik leg Hans mijn vragen voor, en hij reageert positief. Ik mag een week meevaren om te zien hoe pulsvisserij er in de praktijk aan toe gaat. In januari, mits het weer het toelaat. Hij geeft me gelijk een tip voor de kerstdagen: alle vis die je dan koopt is minder vers dan normaal, want twee weken van te voren ingekocht door handelaren die zeker willen weten dat ze aan de grote vraag kunnen voldoen. ‘Zorg dus dat je goede lijntjes met een visser hebt.’ We spreken af dat ik in de week van 14 januari bij hem aan boord kom.

Op negen januari stuurt hij een een appje. Mooi weer gaat het niet worden, windkracht zes tot zeven, en golven van twee tot drie meter hoog staan ons te wachten. Maar als ik dat aan denk te kunnen mag ik opstappen. We gaan er voor.

Schermafbeelding 2019-01-25 om 15.49.35.png

De volgende delen van dit verhaal worden gepubliceerd tussen zondag 10 en vrijdag 15 februari.

Maarten Kuiper